Hier vindt u korte verhalen en quotes van Lulu Wang.



Op 12 augustus 2009 schrijft Lulu Wang naar aanleiding van het seminar over female leadership en female entrepreneurship (20-10-09, Utrecht)
over
de bewustwording van vrouwen

Als Chinese weet ik niet beter dan dat de wereld pas in evenwicht is als yin en yang in balans zijn. In de afgelopen duizenden jaren is dat niet het geval geweest. Niet alleen doordat vooral mannen aan het roer hebben gestaan, maar ook doordat ze de normen en waarden hebben vastgesteld die gebaseerd zijn op hun kijk op de wereld en op hun merites.
Lees meer...



Op 6 juni 2009 schrijft Lulu Wang een artikel
met als titel
Brief aan sommige westerse politici en media

Beste, Hieronder is wat bij mij opkwam toen ik gisteren naar een tv-programma over de Dalai Lama keek. Als een eenvoudige burger kan ik weinig betekenen voor het oplossen van de problemen tussen landen en volkeren, maar mijn Chinese achtergrond en verblijf in Nederland hebben mij één ding geleerd: dialoog doet wonderen.
Lees meer...



Op 11 mei 2009 draagt Lulu Wang een tekstje aan de bekende zanger Paul Michiels voor tijdens de ochtenduitzending van Q-Muziek (België)
over
Paul Michiels

Lieve Paul, ik heb je maar één keer ontmoet. Dat was vorig jaar tijdens een live radio interview bij de VRT. Vóór onze ontmoeting had ik nooit van je gehoord. Het lag aan mij. Ik ben opgegroeid in China en sinds mijn verblijf in Nederland zet ik nooit de radio aan. Het moment dat ik je zag, dacht ik aan een cheeta. Niet alleen omdat 'Paul' in het Chinees 'cheeta' betekent, maar ook omdat je op dit wilde dier leek: lenig, athletisch gebouwd en prachtig om te zien.
Lees meer...



Op 12 maart 2009 schrijft Lulu Wang voor de brochure van Operadagen Rotterdam een literaire bijdrage
over
de Peking Opera

Lotusvingers
Mijn opa bezat in de jaren dertig van de vorige eeuw een meelfabriek. Toen de zaken slechter gingen moest hij een paar kamers van zijn grote woning verhuren. Een van de huurders was een riksjajongen, wiens vrouw voor de rijke lui waste en streek. Hun dochtertje Yang – ‘Zonnig’ – was acht, even oud als mijn moeder. Yang kwam maar eens per maand thuis omdat ze op een school voor de Peking Opera zat. De meeste leerlingen waren of wezen of door hun straatarme ouders aan de school verkocht. Kinderen van gegoede families zaten er niet op.
Lees meer...



Op 4 december 2008 schrijft Lulu Wang een gedichtje
over
het Sinterklaasfeest

Moge wereldvrede als pepernootjes op alle volkeren regenen
Moge harmonie door de schoorsteen van elke woonwijk zakken
Moge recessie met de boot mee en onderweg in de zee zinken
Lees meer...



Op 10 september 2008 schrijft Lulu Wang een literaire bijdrage voor een openlucht tentoonstelling in Hasselt, België
over
gastvrijheid

Lees meer...



In november 2008 schrijft Lulu Wang een artikel naar aanleiding van een interview voor het eerste nummer van het tijdschrift Colour Beautiful
over
haar leven in China en Nederland

“Eén van mijn eerste herinneringen aan China was het weekverblijf waar mijn ouders mij op maandagochtend naartoe brachten. Op zaterdag, laat in de middag, namen de juffen ons - rijen kinderen - mee naar het militaire terrein waar onze vaders (en soms ook onze moeders) werkten. We moesten ons koest houden op twintig meter afstand van de ingang van het terrein. Als één van ons een stap dichter bij die ingang durfde te zetten, richtten de bewakers meteen de loop van hun wapen op ons. Om ons rustig te houden, leerden de juffen ons zingen: “Het konijn is wit, zijn ogen zijn rood, zijn oren zijn lang en hij lust Chinese kool.”
Lees meer...



In augustus 2008 spreekt Lulu Wang voor een TV programma van de VPRO een tekst in (illustratie 6, TV uitzending van VPRO)
over
De Olympische Spelen

Onze voorouders en Olympische helden Er was eens een jongeman die Kuafu heette. Hij wilde zielsgraag sneller rennen dan de zon. Hij liep hard en hield het dagen, maanden en jaren vol, maar het lukte hem niet om de zon voorbij te streven. Onderweg hoorde hij mensen tegen elkaar fluisteren: 'Kijk naar die dwaas!' Kuafu trok zich er niets van aan. Hij zette de wedstrijd voort, hijgde als een lekke blaasbalg en zweette als een otter. Om zijn enorme dorst te lessen dronk hij een hele rivier tussen twee bergen in Midden-China leeg, maar er bestond geen middel tegen zijn vermoeidheid. Op een dag stortte hij in. Uit zijn lichaam ontsproot een uitgestrekt bos.
Lees meer...



Op 4 juli 2008 schrijft Lulu Wang een gastcolumn voor het tijdschrift Zin
over
Liefde in het Olympisch Dorp

Klapband
Mensen vragen me vaak wat de Olympische Spelen in Peking voor mij als Chinese betekenen. Veel, maar dat heeft weinig te maken met de sporten die daar bedreven worden. Nee, wedstrijdsport is niks voor mij. Het leven is al ingewikkeld genoeg, vind ik, en ik wil niet nog eens als hobby met een ander wedijveren. Toch ben ik blij dat Peking de Olympische Spelen organiseert. Want dan kunnen mijn landgenoten een beetje meemaken wat ik in Nederland ervaren heb.
Lees meer...



In de zomer van 2008 schrijft Lulu Wang een tekst
over
haar indrukken van Nederland

Het beeld dat ik van Nederland had voordat ik het kende. Ik dacht dat Nederland vrijheid van meningsuiting kent, dat mensen rede belangrijker vinden dan traditie en dat je vooruit kan gaan als je hard werkt.
Lees meer...



In april 2008 schrijft Lulu Wang een open brief
met als titel
Laat mij trots zijn op het Westen

Eenentwintig jaar geleden liet ik mijn baan aan de Universiteit van Peking staan en moest en zou lesgeven aan een hogeschool in Maastricht. Hemel en aarde heb ik bewogen om het benodigde dertigtal stempels van de Chinese autoriteiten te verkrijgen voor een uitreisvisum. Net als vele jonge Chinese intellectuelen snakte ik naar de Westerse democratie, vrijheid van pers en meningsuiting.
Lees meer...



In februari 2008 schrijft Lulu Wang een artikel voor de Belgische krant De Standaard
over
haar jeugd in China

Eerst bitterheid en dan zoetheid Toen ik klein was, aten mijn ouders en ik nooit samen. Ze wachtten totdat ik vol zat dan werkten ze de restjes in een paar happen naar binnen. Als een kind van vier zag ik hen op een dag gelijk met mij de eetstokjes oppakken en rijst smullen, iets dat mij verbaasde. De hongersnood, die miljoenen mensen het leven had gekost, was voorbij, legde vader mij uit, en nu hadden we genoeg voedsel voor het hele gezin. Al had ik geen idee hoeveel een miljoen was, ik voelde aan dat twintig keer daarvan een monsterlijk getal moest zijn.
Lees meer...



In 2008 schrijft Lulu Wang een tekst in antwoord op vragen
over
Het lelietheater

Vroegrijp
De Culturele Revolutie heeft mij mentaal vroegrijp gemaakt, maar emotioneel heeft ze mij juist belemmerd om te groeien, vrees ik. Hierover gaat een deel van mijn negende boek, dat ik nu aan het schrijven ben.
Lees meer...



In 2007 schrijft Lulu Wang een voorwoord voor de heruitgave van Het Witte Feest
over
de familieband

Mijn opa
Ik, Lulu Wang, hoor eigenlijk Lulu Yang te heten. Niet omdat ik mijn paspoort vervalst heb, maar omdat mijn oma hertrouwd is. De stiefvader van mijn vader had de achternaam Wang. Vanaf mijn geboorte tot heden heb ik geen enkele foto van opa Yang gezien. Niemand in de familie praat graag over hem. Uit de flarden informatie die ik in de loop der jaren hier en daar opving leid ik het volgende af.
Lees meer...



In december 2007 schrijft Lulu Wang voor het tijdschrift Nouveau een literaire bijdrage
over
Het jaar van de rat

De eerste keer
dat ik stal
Ik groeide op in een kinderweekverblijf. Het bed naast mij was dat van Liu - ‘het zesde kind’. Haar jaszak stond bol van snoepgoed en als ze sliep ook haar hoofdkussen - ze verborg daar haar zoete bezit. Op een avond wachtte ik tot ik Liu hoorde snurken en rolde voorzichtig haar hoofd opzij. De buit betrof twee gedroogde pruimen en een koekje met kokossmaak. Als twee bommen ontploften ze in mijn mond - ik viel zowat flauw van genot.
Lees meer...



In augustus 2006 schrijft Lulu Wang voor een blad een kort verhaal
over
tuinen

Literair tuinverhaal
Xion is een jongen, wacht even, een man. Want vorige week is hij achttien geworden. Hij is lang – althans voor een Chinees –, breed en gespierd. Je zou zeggen dat hij één bonk mannelijkheid is. Temeer omdat zijn naam ‘macho’ betekent. Maar niets is minder waar. Hij wou dat hij een meisje, nee, een vrouw was. Dan zou zijn vader, bekend om zijn neus én oog voor het vrouwelijk schoon, hem wél een blik waardig keuren. Driehonderd en vijftig dagen van het jaar woont Xiong samen met zijn moeder, in een kast van een huis onder de rook van de Geurige Bergen, ten westen van Beijing.
Lees meer...



In 2006 schrijft Lulu Wang voor het tijdschrift Elsevier een artikel
over
de gezondheidszorg

Betaald wachten
Ik heb niets te verbergen en wil best vertellen hoe jong ik ben: vierenveertig. Volgens de Chinese jaartelling dan; volgens de Nederlandse ben ik welgeteld tweeënveertig. Dit komt doordat wij ook het jaar dat wij in de buik van onze moeder kickboksten mee laten tellen. Het tweede jaar dat er standaard bij komt is te danken aan de Chinese Nieuwjaarsdag, waarop wij met z’n allen nog eens een jaartje ouder zijn geworden.
Lees meer...



In de winter van 2004 stuurt Lulu Wang per e-mail haar lezers, familie, vrienden en kennissen een kerstgroet toe
Mijn zeventiende kerst in Nederland

Van de vele cultuurshocks die ik in de loop der jaren heb mogen beleven is een die van het weer, of beter gezegd, de manier waarop Nederlanders over het weer praten. Ik herinner me nog waar en wanneer het was. De zomer van 1988. Ik stond in een Limburgse cadeaushop ansichtkaarten uit te zoeken. Voor mijn ouders. Vader zwaaide mij uit in 1986 op het Beijingse vliegveld: 'Kom niet meer terug, Lulu. Mis ons niet!' Tranen maakten cirkeltjes in mijn ogen. Ik begreep precies wat hij bedoelde.
Lees meer...



Op 1 december 2002 stuurt Lulu Wang per e-mail haar lezers, familie, vrienden en kennissen een Sinterklaascadeau in de vorm van een kort verhaal toe
Keukengod, een Chinese collega van Sinterklaas

Toen ik net in Nederland kwam, zestien jaar geleden, trof ik in de V&D van Maastricht een bejaarde clown aan. Hij droeg een sneeuwwitte baard en een tomaatrode jurk met eronder een kanten onderrok. Ik schaarde me achter drommen opgewonden kinderen en staarde, net als zij, met mijn mond uitgeklapt naar wat die oude heer in zijn schild voerde. Hij nodigde een jongetje in de voorste rij uit en bood hem zijn schoot aan. Het kind straalde alsof hij een lot uit de loterij had getrokken en schudde hevig met zijn hoofd toen de bejaarde meneer vroeg of hij in het afgelopen jaar stout was geweest. Mijn hart trok zich samen: ik had nog niet het land van de keukengod verlaten of ik was beland in het koningrijk van… achteraf hoorde ik dat het Sinterklaas betrof.
Lees meer...



In de winter van 2000 schrijft Lulu Wang ter viering van het kerstfeest
Mijn eerste kerst in Nederland

Het was in Maastricht en het begon met Sinterklaas, die ik voor de kerstman aanzag. Voor mij was het dezelfde witte reus die in 1985 tijdens het kerstfeest van de Universiteit van Peking uitriep: “Ik ben net met de slee uit Lapland gekomen!” Wij studenten Engels slikten uit plaatsvervangende schaamte onze zonnebloempitten ongekauwd door: hoe kreeg die Amerikaan het voor elkaar zulke ongegeneerd kinderachtige onzin te verkondigen?
Lees meer...



De foto's in dit deel van de site zijn gemaakt door:

Lisette Zoete (foto waterlelie)
Solange Roosen (foto's over gastvrijheid)
Freddy Jans, www.zonezero.be
- van een Chinese jongen en een Chinees meisje
- van een rij werknemers toegesproken door hun manager (een ochtendritueel)

De rest van de foto's zijn gemaakt door familie en vrienden van Lulu

 
© colofon